Na tientallen jaren doet Roy ten Vergert voor het laatst het rolluik van zijn tabakswinkel omhoog in Enschede. “Het dringt nog niet helemaal door, maar het is echt afgelopen”, verzucht Roy. “Mijn ouders zijn de zaak begonnen in 1972, ik zit er zelf ook al bijna dertig jaar. Ik was graag doorgegaan, maar er moet nu elke dag geld bij. Dat houdt een keer op.”
Volgens Roy zijn de hoge accijnzen de voornaamste oorzaak geweest van de dalende inkomsten. Klanten zijn er wel, maar voor een verjaardagskaart, pakje vloei en een krantje kan de winkel niet openblijven. Tabak was zijn grootste inkomstenbron, maar dat halen zijn klanten nu in Duitsland.
“Dat de overheid roken wil ontmoedigen en strenge regels stelt aan de verkoop, daar ben ik het wel mee eens”, zegt Roy. “Maar dit werkt eerder averechts. Mensen roken er niet minder om en ze halen nu hun sigaretten in Duitsland of uit het illegale circuit.”
Het winkelcentrum van Gronau ligt net op een kwartier rijden van de winkel van Roy. Daar staan de parkeerplaatsen vol met Nederlandse auto’s. Ook hangen overal advertenties voor tabak in het Nederlands. Bezoekers komen met tassen vol rookwaar terug naar hun auto. “Ik rook shag. Dat scheelt hier bijna twintig euro, per pakje”, lacht een Nederlandse klant. “Dat is te veel om hier niet voor heen en weer te rijden. Wij kunnen weer even vooruit.”
Voor de Nederlandse bezoekers over de grens geldt in ieder geval niet dat de hoge accijns leidt tot minder rokers. “Zo werkt het niet, echt niet”, lacht de man terwijl hij nog een trekje neemt. “Wij roken er in elk geval geen sigaretje minder om. Iedereen gaat naar Duitsland, met bussen vol komen ze hier.”
Roy verkoopt minder tabak aan rokers, maar er zijn niet minder rokers. “Op een zaterdag verkocht ik 117 pakjes vloei en filters. Het is één op één, je hebt één pakje vloei voor één pakje tabak. Ik verkocht diezelfde dag vier pakjes shag; 113 pakjes tabak zijn dus niet bij mij gekocht maar ergens anders, waarschijnlijk in Duitsland.”
De run op Duitse sigaretten is niet het enige wat Roy geld kost. “Ik beheerde ook sigarettenautomaten in de horeca. Van de ene op de andere dag werden ze verboden en kon ik ze bij het grofvuil zetten. En daar staat geen enkele compensatie tegenover.” Het stoort Roy dat het per branche anders gaat. “Als het gaat over een vuurwerkverbod, of de veestapel moet inkrimpen dan worden daar direct compensatiemaatregelen aan gekoppeld. Wij krijgen geen cent en worden gecriminaliseerd.”
Lees het hele artikel verder op oost.nl